Kunst en cultuur op school

Nieuw in het portfolio:

De Riemsloot, een ‘grenzeloze’ school.

Advertenties

Klaar voor de Start

Gedurende zes weken geven Liz, Marjanne, Baukje en ik, Birgit, voor Ateliers Majeur kunstlessen in Frieschepalen. De Skâns en Rehobot werken, als Brede School, op de woensdagochtenden samen aan de Kinderboekenweek. We startten vanmorgen met de twee scholen in de centrale hal met dansen onder leiding van Marjanne en luisterden vervolgens naar een verhaal van Baukje.

Frieschepalen groep 1Ik gaf vandaag les aan groep 1. Tien kleine kleutertjes die prima overweg konden met klei, maar wel allemaal tegelijk héél nodig moesten plassen. Daarna rolden ze hun plak klei uit  met kleirollers en bewerkten hem met allerlei gereedschap. Ze hebben hun voet, als eerste stap, stevig midden in de kleiplak gezet. Brecht vond de voetafdruk zonde van haar mooie tekening. Maar verder was het een goede start.

Torens, trappen en kleurverloop

Groep 1 en groep 2 van de mr. J.B. Kanschool waren vandaag weer aan de beurt voor creatief leren. We sluiten aan bij het schoolthema seriëren. Van klein naar groot, van wit naar zwart…

Van groot naar kleinVan klein naar groot

De jongste kleuters bouwden in de kring een toren en een trap van dozen. Eerst een toren, van groot naar klein, toen een trap van laag naar hoog. De grootste doos was snel gevonden en werd direct op z’n kleinste zijkant gezet: zo was hij ook meteen heel hoog. Een klein doosje kwam erbovenop, maar welke doosjes pasten daar nou tussen? Het bleek best moeilijk te zijn om te bepalen welke doos groter was dan een andere. Ik hoopte dat er een beetje discussie zou ontstaan over formaat en vorm van de doos, maar dat gebeurde niet. Toen ik vroeg waar ze hun speelgoed in zouden stoppen wezen de kinderen wèl meteen de allergrootste doos aan. Tot slot vormden alle kinderen samen een trap van de kleinste kleuter naar de grootste. En dat was een verrassing: niet Maaike maar Cornelis was de grootste van groep 1!

primaire kleurenGrijzen, groenen, paarsen en oranjes

Groep 2 ging kleuren mengen. Elk groepje kreeg een primaire kleur. In de kast op school hadden we geel, magenta(fuchsia) en cyaan(blauw) gevonden, perfect. De kleurenblinde kinderen kregen wit. Elk kind kreeg een nummer. Nummer 1 deed één lepel verf uit het bakje met de primaire kleur in zijn bekertje, nummer 2 twee lepels, enzovoort. Daarna kreeg elk groepje een andere primaire kleur, de kleurenblinde kinderen zwart. Ieder kind voegde nu één lepel met de nieuwe kleur bij zijn bekertje met verf. En dan roeren tot het helemaal gemengd was. Een echte verffabriek.

mengen 1

De kinderen in een groepje zouden dan samen een mooi kleurentrapje kunnen maken, maar de kleurverschillen waren vooral in de bekertjes waar blauwe verf bij zat minimaal. Blauw maakte alles veel te blauw. Alleen de kinderen met geel en magenta konden een duidelijk verloop schilderen. Wat een rotverf om mee te mengen zeg, die Heutink schoolverf. De verfbekertjes werden voorzien van een etiket waarop de kinderen met stippen aangaven hoeveel van de ene en hoeveel van de andere kleur ze hadden gemengd. Die verf kunnen ze morgen gebruiken om een schilderij te maken.

mengen 2 lichter, donkerder gemengde kleuren

Voor Ateliers Majeur werken we een aantal keren op de school in onze ‘achtertuin’, de mr.J.B. Kanschool, aan creatief leren.

Monsters op de weg

jongstekleuters

Oversteken mag je niet zelf, als je vier bent. Dat is veel te gevaarlijk, want er rijden auto’s. En fietsen. En ook vrachtwagens en trekkers.DSC01073

In de kring liggen twee grote vellen karton. Daarop tekenen de kleuters van groep 1 van de J. B. Kanschool samen een weg (vierbaans!), een smal voetpad met allemaal grijze tegels erlangs, auto’s op het asfalt en fietsen op het fietspad. Een stoplicht met het rode licht boven, het groene onder en middenin een oranje licht staat naast een zebrapad. Want we willen veilig naar de overkant.

Ieder kind krijgt een klein gekleurd vierkantje en viltstiften om iets te tekenen waarvoor je goed moet uitkijken. Viltstiften omdat ze daar vertrouwd mee zijn. Het gaat ons in deze les om het tekenen van wat je denkt, niet om het onderzoeken van materiaal.
Er verschijnen niet alleen trekkers en vrachtwagens, maar opeens ook monsters. Antonetta heeft zelfs een krokodil getekend.

We leggen alle gevaarlijke dingen bij elkaar op de ‘weg’. Maar hoe steek je nou over tussen de monsters? Weten die wel dat ze voorzichtig moeten zijn voor overstekende kinderen? Volgens Cornelis zijn ze niet zo eng hoor, alleen een beetje dom.

Een zebrapad is een zebra omdat we dan allemaal weten dat het een zebrapad is!

En géén giraffe.

Nynke legt het nog één keer uit: ‘een zebrapad kan geen giraffe zijn omdat een giraffe geen strepen heeft maar een soort stippen en een zebrapad is juist een zebra omdat het een zébrapad is!’ Ze gaat erbij staan en loopt naar het midden van de kring, met haar handen dikke strepen in de lucht gebarend.

P1140906P1140905

Voor Ateliers Majeur werken we een aantal keren op de school in onze ‘achtertuin’, de J.B. Kanschool, aan creatief leren.

De school heeft ons gevraagd in te steken op het project verkeer om samen iets te doen aan de verkeersveiligheid: de provinciale weg loopt langs de school en auto’s komen hard op de oversteekplaats af gereden. Met de provincie is al contact opgenomen.

We hebben het vanmorgen over hoe je veilig aan de overkant van de weg komt. Op de grond liggen alle getekende oplossingen van groep twee: Goitse maakte een hele lange brug van zijn hut naar school, Julius een kabelbaan, Wessel bedacht een grote sterke muis waarop je kunt rijden en er zijn vooral héél veel zebrapaden, met en zonder voetgangerslichten. We wonen in een klein dorp, dus zebrapaden en verkeerslichten kennen deze kleuters niet van naast de deur.

Zebrapaden hebben witte strepen, dat hoort zo. Geen rode of groene, hoewel sommige kinderen dat ook nog wel een interessante optie vinden. En een zebrapad voor de deur van de school, dat vinden alle kinderen wel een goed idee. Met een knopje om het voetgangerslicht op groen te zetten.